- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

22 oktober 2008

Het internet is een populaire therapeut

Een jongere in problemen gaat gemakkelijker het internet op dan naar ouders of huisarts, zeker bij seksueel geweld. Maar hoe goed is therapie online?
Na een proefperiode van een jaar is het nu officieel. De Amsterdamse organisatie Interapy biedt online behandeling aan, voor jongeren tot 24 jaar die dusdanig heftige dingen hebben meegemaakt dat er sprake is van trauma. ''Het is goed te behandelen,'' zegt psycholoog Bart Schrieken, die mede het behandelprogramma ontwikkelde. ''Maar dan moet je wel op een degelijk adres zijn.''

Tik in het zoekprogramma Google de trefwoorden 'help' en 'verkracht' en je krijgt 92.000 hits. De combinatie 'therapie, jongeren en seksueel geweld' geeft 30.000 hits. Voeg daarbij de bevinding dat jongeren gemiddeld tweeënhalf jaar met hun ellende rondlopen voordat ze iemand iets vertellen, en je hebt zicht op een potje narigheid. Het gaat om achttien procent van de meisjes en vrouwen tot 24 jaar en de vier procent van hun mannelijke leeftijdgenoten die met seksueel geweld te maken hebben gehad.

Als zij die zoektermen intikken, belanden ze in een woud van informatie, goede en slechte sites, betrouwbare en onbetrouwbare adressen. Dat geldt voor zowel fysieke adressen als therapieën on line. Schrieken: ''Online behandelen begint een hype te worden. Je ziet veel instellingen onder druk staan, ze moeten modern zijn, maar het resulteert in grote kwaliteitsverschillen. Weinig therapieën zijn goed onderbouwd.''

Schrieken komt voor uit de school van Alfred Lange, klinisch psycholoog aan de Universiteit van Amsterdam, de grondlegger in Nederland van internettherapie en ook bij Interapy betrokken. Interapy werd ingeschakeld door de Rutgers Nisso Groep : ''Wij behandelden via internet al volwassenen met trauma's. Of er iets gemaakt kon worden voor deze jongeren.''

Er wordt samengewerkt met vergelijkbare organisaties in Utrecht en Leiden. ''Eigenlijk is het binnen de Randstad niet moeilijk goede, gespecialiseerde hulp te krijgen. Maar dat is niet in heel Nederland het geval.'' In dit eerste jaar van de online behandeling heeft Schrieken vooral onderzocht hoe gemakkelijk jongeren zich melden en hoeveel er in behandeling zijn gaan. Hij leerde dat voor aanmelding de drempel laag genoeg was: er meldden zich 113 cliënten.

Sommigen zetten niet door, anderen wilden niet meteen al hun gegevens prijs geven. Schrieken: ''Dat vragen wordt dus voortaan meer gefaseerd.'' Uiteindelijk zijn zestien jongeren online met succes in behandeling geweest, van wie de helft tussen de veertien en de achttien jaar. ''Er was een hoge uitval onder die tieners. Die durfden de noodzakelijke toestemming van hun ouders niet te vragen.''

''Uiteindelijk willen we uitkomen op één internetloket, met goede informatie en betrouwbare verwijzingen. Want tot nu toe is de hulp via het net versplinterd, niet effectief. Dat moet beter kunnen. Het Trimbos Instituut werkt aan een keurmerk voor therapie online, en ik denk dat de goede hulpsites zich beter moeten profileren.''
Advies: kijk bij een site naar de achtergrond van de aanbieder, of de behandeling is gebaseerd op onderzoek en of er verbintenis is met een universiteit. Schrieken: ''Dat is een beetje een nerterig advies, maar dat is voorlopig, tot het goede loket er is, wel het beste.''

Bron: parool.nl


- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Geen reacties:

Reageren:



* Het is niet mogelijk om html te gebruiken