Passieve hulpvormen
Binnen online hulpverlening zijn drie typen hulpvormen te onderscheiden: passieve, actieve en interactieve hulpvormen. Passieve hulpvormen zijn hulpvormen waarbij de gebruiker geen invloed heeft op de inhoud ervan. Actieve hulpvormen zijn hulpvormen waarbij de gebruiker zelf de inhoud beïnvloedt, maar er geen interactie is met andere hulpvragers of hulpverleners. Interactieve hulpvormen, ten slotte, zijn hulpvormen waarbij de gebruikers (hulpvragers en/of hulpverleners) elkaar wederzijds beïnvloeden.
Passieve hulpvormen kenmerken zich doordat de hulpvrager iets leest of bekijkt, zonder dat hij zelf actief aan de slag gaat. Een toetsenbord is in principe niet nodig, een muis is voldoende. De drempel om er gebruik van te maken is daarom extreem laag en de hulpvrager hoeft zich nauwelijks in te spannen. Een hulpverlener moet eens in de zoveel tijd kijken of de informatie nog juist is, maar heeft er verder geen omkijken naar. Het ontwikkelen van passieve hulpvormen kost relatief veel tijd omdat de informatie verzameld en voor de doelgroep geschikt gemaakt moet worden. In technische zin zijn passieve hulpvormen weinig complex en omdat hulpvragers geen privacygegevens achterlaten, zijn de veiligheidsrisico’s gering.
Voorbeelden:
Uit: Schalken, F. e.a. (2010) Handboek online hulpverlening, Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
Bestel het Handboek Online Hulpverlening



- inleiding
- definitie
- trends
- kenmerken
- effecten
- aanleidingen
- online hulpvormen
--> passieve hulpvormen
-- statische informatie
-- adviezen
-- veelgestelde vragen
-- verwijzingen
actieve hulpvormen
interactieve hulpvormen

